1. Veiligheid en kwaliteit
- Steeds strikt toepassen van alle toepasselijke preventieregels en –procedures, cGMP’s en kwaliteitsprocedures.
- Correct gebruik maken van de ter beschikking gestelde persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen.
- Zorg dragen voor orde en netheid.
- Melden van (bijna)ongevallen, incidenten, afwijkingen en risicovolle situaties, zowel wat betreft veiligheid als kwaliteit.
- Meewerken aan en voorstellen van oplossingen om veiligheid, gezondheid, milieu en kwaliteit te verbeteren.
- Actief deelnemen aan promotiecampagnes, preventierondgangen, ...
- Andere medewerkers en derden aanspreken bij het niet volgen van de preventieprocedures of bij het stellen van onveilig gedrag.
- Zelfstandige analyse van en reactie op kritische alarmen (KP, KS) en meldingen (KN).
2. Beheren, controleren en bedienen
- Beheer en bediening van nutsinstallaties en systemen zoals hoogspanning, stoom en condensaat, koeling en verwarming, water (STW, IBW, PRW, ...), gassen,HVAC, riolering, preventiesystemen, milieu-installaties (buiten de kantooruren).
- Uitvoeren van controles en de nodige acties ondernemen (herstelonderhoud) om deze energie- installaties in orde te houden & te optimaliseren.
- “Eigenaarschap” opnemen met betrekking tot deze systemen en zorgen dat deze in orde zijn en blijven: update van GBS, PID, transmissielijsten,... IMS-beelden laten aanpassen naar juistheid en gebruiksvriendelijkheid, ...
- Uitoefenen van continu toezicht op de technische bedrijfsinfrastructuur van de site. Energie- en nutsinstallaties op een veilige en correcte manier in & uit dienst nemen, zodat werken veilig uitgevoerd kunnen worden.
- Taken zelfstandig uitvoeren en/of begeleiden volgens de geldende veiligheids- en cGMP voorschriften en procedures.
3. Probleemopvolging en behandeling
- Continu toezicht en supervisie van alle energiesystemen van de Geel Site.
- Storingen van energie- en nutsinstallaties analyseren en zelfstandig oplossen (mechanisch, elektrisch, M&R technisch).
- Opsporen oorzaak van complexe problemen aan energie-installaties. Het initiëren van wijzigingen met kennis van de impact op het proces, het bespreken van deze voorstellen met collega’s en klanten.
- In functie van prioriteit samenwerken met curatieve dienst bij storingen zowel aan productie gebonden apparatuur als energie-installaties & milieu-installaties.
- Standaard werkinstructies opstellen, aanpassen en optimaliseren van energie-installaties. Aanspreekpunt voor technische problemen i.v.m. installaties binnen verantwoordelijkheidsgebied. Zelfstandig initiatief nemen om
leveranciers/contractors te contacteren om installaties op punt te stellen.
4. Onderhoud
- Uitvoeren van preventieve, kalibratie- en andere herstelorders. Deze MO’s volledig en correct rapporteren in het TIB-systeem.
- Operationele input geven aan de Preventief Onderhoudscoördinator om het onderhoudsplan van de installaties op te stellen, aan te passen of te verbeteren.
- Het uitwerken van methodes om preventieve controles of kalibraties uit te voeren.
- Het opstellen van werkinstructies voor het kalibreren van meetsystemen, of het bedienen van installaties of het schrijven van veiligheidsinstructies.
5. Werken volgens de beste praktijken
- Rationeel uitbaten van de energie & nutssystemen en stimuleren van andere gebruikers om dit ook te doen.
- Voortdurend streven naar een minimaal energiegebruik in de dagdagelijkse uitbating van het machinepark alsook continu streven naar energie-optimalisaties zowel op component-niveau als op systeemniveau (vb. aanpassen van automatisatie-concepten). Zelf initiatief nemen voor optimaliseren van installaties (IVV) en verhoging expertise over energiesystemen.
- Technologische ontwikkelingen mee opvolgen en kritisch beoordelen naar het eigen machinepark.
6. Noodsituaties en calamiteiten
- Correct reageren door de afdelingsnoodplannen en het energienoodplan te kennen en toe te passen.
- Afdelingsnoodplannen mee wijzigen en continu verbeteren om op een professionele, efficiënte en effectieve manier te kunnen reageren op noodsituaties. Deze noodplannen opleiden aan collega’s.
7. Kennisoverdracht
- Opleiding geven aan collega's over de werking van de energie-installaties, nieuwe/aangepaste werkinstructies, noodplannen.
- Peterschap over minder ervaren operators en het opleiden van nieuwe medewerkers.