een goudmijn aan potentieel.

Yasine controleert of ik de deksels op de soepflessen goed heb dichtgeschroefd. Als kwaliteitsverantwoordelijke waakt hij over mijn werk. En dat doet hem zichtbaar goed. Het is een scène uit de dag die ik met mijn team als vrijwilliger meedraaide in het Brusselse soepatelier enVie. Langdurig werklozen maken er heerlijke soepen met overschotten van verse Belgische groenten.

Vaak volstaat een kleine impuls om mensen opnieuw te laten aansluiten op de arbeidsmarkt. Hoe groot hun afstand tot die arbeidsmarkt ook wel is, hoe laag soms hun zelfbeeld, een kans blijft een kans. Maar je moet ze bieden. Een collega van Yasine pendelt dagelijks vier uren tussen Balen en Anderlecht omdat hij zich bij enVie gewaardeerd voelt in zijn kunnen, kennen en willen. Hij herontdekt er zijn potentieel, leert nieuwe vaardigheden en scherpt zijn goesting om vooruit te komen. enVie is zijn opstap naar de reguliere arbeidsmarkt.

Waar wachten we dan nog op om die honderdduizenden andere Yasines een opstap te geven? Mensen die na een langdurige ziekte geleidelijk willen opstarten, ongeschoolde jongeren, jongeren zonder ervaring die het spoor naar de arbeidsmarkt al bijster zijn, leefloners, 50-plussers die hun job verliezen of met een SWT uit de arbeidsmarkt worden geduwd, gepensioneerden die graag aan de slag willen blijven … Te vaak onderschatten we het potentieel van al die ‘werk-loze’ mensen die zelfs nauwelijks figureren in de statistieken. Ze verloren hun zelfvertrouwen. Of ze willen wel aan de slag (blijven), maar worden afgeremd door een of andere arbitraire barrière. Zo moet ik verplicht op dag x met pensioen. Waarom? Ben ik op die datum plots niet meer van nut? Het succes van de flexi-jobs bij gepensioneerden bewijst het tegendeel. Iemand met een uitkering riskeert die volledig te verliezen als hij die combineert met werk. Waarom? 

Vorig jaar ging Randstad aan de slag met 10.000 langdurig werkzoekenden. Voor 7000 mensen vonden we een job. Bovendien vormt tijdelijk werken binnen een beschermde context doorgaans een laagdrempelige opstap naar een sterkere positie op de arbeidsmarkt of zelfs naar een vaste job. Kun je dat werk dan nog precair noemen als het uiteindelijk leidt naar beter? Naar het zich-als-mens-gewaardeerd-voelen? Ik denk het niet.

 

waardering vs. activering

Daarom ook houd ik niet zo van de term activering. Het klinkt mij té dwingend en stelt het probleem centraal in plaats van het potentieel. Ik geloof nog altijd in de positieve wil van de mens. Activering moet waardering worden, de stok de wortel. De kunst bestaat erin om de mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te overtuigen dat ook zij zinvol kunnen bijdragen aan de maatschappij. Om in eerste instantie hun gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen te herstellen. Zodra ze opnieuw in zichzelf geloven, willen ze ook bewijzen wat ze in hun mars hebben. Ik heb het met mijn eigen ogen gezien.

"Ik geloof nog altijd in de positieve wil van de mens.” 


Dat is trouwens de fundamentele boodschap van onze campagne ‘Terug aan het werk’. Met levensechte getuigenissen kandidaten moed inspreken om nooit op te geven. Iedereen bezit een kracht waarmee een bedrijf of organisatie iets kan. Tegelijk stimuleren we werkgevers om veel meer met een open vizier te rekruteren. Om het aangepaste aanbod te organiseren voor alle vormen van al dan niet verborgen talent.

Aan de overheid de oproep om veeleer een waarderings- dan een activeringsbeleid te voeren. Beperken van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd zoals dat in de andere Europese landen gebeurt? Zeker en vast. Maar investeer het vrijgekomen budget in de terugkeer naar het werk. Het is niet langer van deze tijd dat het RIZIV enkele miljarden aan uitkeringen uitbetaalt, terwijl ons land nog geen 100 miljoen euro aan re-integratie spendeert. Het toont aan hoe halsstarrig we blijven vastklampen aan scheefgegroeide modellen en zo een goudmijn aan potentieel onbenut laten. Potentieel voor de werkgevers, voor de inactieven, voor de maatschappij.

Herman Nijns – ceo Randstad Group BeLux