de publieke sector aantrekkelijker als werkgever dan de privésector.

Dat de publieke sector een aantrekkelijke werkgever is in tijden dat het wat minder goed gaat op de arbeidsmarkt bleek al uit vroeger onderzoek van Randstad Research. Maar uit het meest recente onderzoek bij 14.000 respondenten dat vandaag werd voorgesteld, blijkt dat dit ook het geval is in economisch gunstige tijden. Gemiddeld genomen vindt 42% van de respondenten werken voor een publieke werkgever aantrekkelijk. De privésector haalt slechts 34%. Alleen bij de jongeren (-25 jaar) is de publieke sector niet aantrekkelijker. Bij het overzicht van de redenen om voor een werkgever te kiezen, blijkt dat nog nooit zoveel mensen de zorg voor milieu en maatschappij in hun top 5 plaatsten van criteria die bepalend zijn bij de keuze voor een werkgever.

 

het belang van aandacht voor milieu en maatschappij was nooit belangrijker bij de keuze voor een werkgever


Voor de 19de keer onderzocht Randstad Research de employer brands van de grootste Belgische privéwerkgevers bij 14.000 respondenten. Deze keer werd ook de publieke sector onderzocht. Het was de eerste keer dat de publieke sector in tijden van hoogconjunctuur werd onderzocht. Wat blijkt? De publieke sector blijft globaal genomen veel aantrekkelijker om voor te werken dan de privésector. Zo’n 42% vindt werken voor een specifieke publieke werkgever aantrekkelijk. Het gemiddelde in de privésector bedraagt 34%. Alleen de farmasector (45%) is als aparte sector nog iets aantrekkelijker dan de publieke sector. Belangrijk is wel dat deze vaststelling niet opgaat voor jongeren (-25 jaar). Daar blijkt de publieke sector zelfs iets minder aantrekkelijk dan de privésector (resp. 33,3% en 34,9%).

Het verschil tussen de publieke en de privésector is wel een stuk kleiner geworden. In 2012 (recessie) bedroeg het verschil in aantrekkelijkheid maar liefst 16% punten (resp. 43 en 27%). Nu is dat nog de helft (42% en 34%).

Ook in tijden van economische hoogconjunctuur blijft de publieke sector dus een stuk aantrekkelijker dan de privésector. Heel verrassend is dat niet. Werkzekerheid blijft een heel belangrijk criterium om voor een werkgever te kiezen en op dat punt scoort de publieke sector per definitie beter. Maar ook wat het salaris betreft - op dit ogenblik veruit het belangrijkste criterium om voor een werkgever te kiezen - kan de publieke sector gemakkelijk wedijveren met de privé. Ook inzake de balans werk-privé, jobinhoud, toekomstmogelijkheden en de zorg voor milieu en maatschappij scoort de publieke sector een stuk beter dan de privésector. In tijden van toenemende krapte is dit een belangrijke vaststelling.

 

aandacht milieu en maatschappij nog nooit zo belangrijk bij keuze

Het salaris blijft veruit het belangrijkste criterium om voor een werkgever te kiezen op ruime afstand gevolgd door werkzekerheid, werksfeer en de balans werk-privé. Verderop in de rangschikking valt de plotse vooruitgang van aandacht voor milieu en maatschappij op. Bijna één op vijf respondenten plaatst dit in de top vijf om voor een specifieke werkgever te kiezen. Doorgaans komt dit aandeel nooit boven de 15% uit. Bij jongeren loopt dit aandeel zelfs op tot 25%. Is hier sprake van een nieuwe trend?

 

twee werknemers op drie willen loon inleveren voor werkzekerheid

Hoewel werkzekerheid in tijden van economische hoogconjunctuur niet meer het belangrijkste criterium is om voor een werkgever te kiezen, blijft het heel belangrijk. Dit blijkt ook uit de vraag of werknemers bereid zijn om loon in te leveren in ruil voor werkzekerheid. Twee op drie werknemers zijn inderdaad bereid om dit te doen. Gemiddeld wil men 6% van het loon afstaan. Het zijn de jongeren en laaggeschoolden die het meest willen inleveren (respectievelijk 9% en 8%).